vrijdag 27 juli 2018

Fumay - de eerste kennismaking


Aangezien het Vlaamse platteland volgebouwd raakt, we geen heil zien in de cultureel-religieuze evolutie van onze steden en we voor de enclaves van de bourgeoisie financieel tekortschieten, richten Dominiek en ik al geruime tijd onze blik op de gronden in Noord-Frankrijk, een prachtig gebied dat een idee geeft hoe Vlaanderen er vroeger kan uitgezien hebben: bossen, weiden, beken en hier en daar een dorp. Van de bewoners hoeven we weinig concurrentie te vrezen: zij sparen een vol jaar voor een Halloween-uitrusting. De levensverwachting ligt rond de veertig, getuige de vele cafés en tabakszaken. Er wordt echter druk aan de conditie gewerkt want iedereen draagt een training.
Na Saint-Omer, Douai, Binche, Philippeville, Valenciennes en Maubeuge richtten we onze pijlen nu op de Franse Ardennen en vooral de daarin meanderende Maas.

In 2015 had Google Satelliet ons een prachtig dorp getoond dat in zo’n meander ligt: Fumay. We wandelden op en neer de kade en af en toe naar het dorpsplein. Overal zagen we bordjes “te koop”. Aan het enige immo-kantoor keken we met stijgende verbazing naar de prijzen. Een terrein langs de Maas met onafgewerkt chalet: 40 000. Een instapklaar huis aan het dorpsplein: ook 40 000. Op de site keken we verder: een kasteel met 11 kamers en een grote tuin, hier en daar wat werk aan: 180 000. Men begrijpt dat wij, in volle reconversie en in vakantiestemming, hier plots een toekomst zagen, al was het één die zich louter in het herfstverlof afspeelt. We maakten een afspraak met Richard Gonzales, de sympathieke makelaar van Côté France Immobilier. Hij liet ons tegen beter weten in een kijkje nemen in onze dromen, want hij leek te weten dat wíj zijn Hyundai niet zouden helpen afbetalen.

Meer valt er niet te vertellen over onze reis in Fumay, behalve dat we via AirB&B gevallen waren op een kamer in een herenhuis aan de Maas. Het behoorde toe aan een Parisienne die business consultant was, schilderes en dichteres en naar eigen zeggen toekomstige burgemeester van Fumay. Haar vitaliteit stak inderdaad af tegen de ingeslapen levensvormen die we er verder waarnamen. Zelfs een gebroken been hield haar niet tegen om de hele tijd in beweging te zijn. Dat verklaarde meteen wat we de dagen voordien hadden gehoord boven ons: de bureaustoel waarmee ze zich door haar huis verplaatste. Wij maakten daar geen gewag van in onze review op AirB&B, wat haar niet verhinderde te schrijven hoe spijtig het was dat we haar aanbod hadden afgeslagen om samen gezellig te aperitieven. De slaven die ze geronseld had in de streek, een jongeman met schilderambities en een zelfingebeelde beste vriendin die haar knipmesbuigend van dienst was, keken afkeurend: men zegt niet neen tegen de Jonkvrouwe, zelfs niet als men herstelt van ziekte!
(vervolg: een eigen huis in Fumay - poging 1

Zicht op Maaskade en kerk vanaf de overkant

Geen opmerkingen:

Een reactie posten