In 2005 hielden wij halt in Dieppe, onderweg naar Bretagne. Later verbleven we in
Montreuil-sur-mer, Boulogne-sur-mer en reden we langs de binnenwegen door Frans
Vlaanderen. We bezochten de volstrekt afgetakelde badstad Berck en zagen vierde
wereldkinderen in Audruick (Ouderwijk). Onze reis naar Lotharingen voerde langs
de versterkte stad Montmédy en het pittoreske Marville. We maakten een
daguitstap naar Thuin en bezochten Binche op de terugweg. In 2014 bleven we
na het familieweekend in Dinant en trokken we naar Beaumont, Philippeville,
Couvin en de Lacs de l'Eau d'heure. In 2015 zochten we naar de graven van
Vlaanderen in Saint-Omer, Thérouanne en Douai.
Het volk is lelijk,
het regent er dikwijls, er zijn weinig toeristische voorzieningen en de helft
van de restaurantjes heten friterie. Wat is het dan dat ons lokt? Wel, het is
niet ver, de streek herbergt veel geschiedenis en natuur, en er hangt een zweem van vroeger in de naar
goeie boter ruikende bakkerijen, de luidruchtige dorpsmarktjes en de
berkenbossen. Als het goed weer is, kan je uren wandelen of plezierritten maken
langs kalme weggetjes, op naar weer een stukje Frans-Vlaamse historie.
En zo was het ook nu
in december 2015: veel te warm voor de tijd van het jaar maar uitstekend
verkenningsweer. Ik wilde per se naar Maubeuge, een oude vestingstad zoals ze
bijna allemaal zijn langs de grens met ons land. De ganse streek is door de
heer Vauban hertekend en naar zijn defensieve hand gezet. Wij raken er stilaan
van overtuigd dat dit een megalomaan sujet moet zijn geweest, die niet alleen
een missie had het land te verdedigen en zijn vorst te dienen, maar die vooral
een immense voetafdruk wilde nalaten. Ik probeerde me in te leven in de
bewoners van destijdse stadjes en of zij pruilden bij de visuele vervuiling van
deze militaire nieuwlichter. Volgens haar hadden de mensen toen geen tijd voor
zulke overpeinzingen.
Maubeuge had voor de
rest de eer om Berck van de troon te stoten als lelijkste stadskern die we al
hebben bezocht. De winkels zijn er opgetrokken als cementen raamwerken met daarin
enkele beglazing. De huizen zijn van verbeeldingsarm beton. Langs de nochtans
beloftevolle Samber liggen troosteloze lanen. Het Office du Tourisme heeft al
wat voorradig was aan gezellige moderniteit opgeslorpt. Vanaf daar is het één
en al verpauperde tristesse, met aartslelijke Galliërs er overheen. Een man, ik
schat hem 28 maar hij zag er 50 uit, liep met een baby in een draagzak op de
buik en een vette peuk in de mondhoek. Achteloos blies hij de walm uit over
zijn spruit. Hij was maar één van de vele marginaliërs die we aantroffen op de
kerstmarkt van Maubeuge, een lieu de horreur waar een aanslag door jihadi's nog
een aangenaam intermezzo zou betekenen.
We logeerden in de
Best Western langs de Avenue Jaurès. De jonge receptionist keek verbaasd naar
mijn reservatie: slechts voor één nacht? Nog hoger gingen de wenkbrauwen toen
ik hem enkele ogenblikken later kwam vragen of we een kamer met dubbel bed
konden krijgen in plaats van twee enkele bedden. Geen probleem hoor, maar het
was gewoon een niet zo gebruikelijk verzoek ... We aten in wat volgens Tripadvisor
het tweede beste restaurant was van Maubeuge. De "escalope de poulet"
bleek een eenvoudige kipfilet, zonder saus. Daarmee hees de sympathieke eettent
zich inderdaad net boven de friterieën.
(wordt vervolgd in Bavay)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten